Nieuws

‘Ik hoop naast de eerste ook de laatste wedstrijd in De Kuip te zien’

on

Isaas Martinus van Eck uit ’s-Gravendeel was erbij op 27 maart 1937, toen De Kuip officieel geopend werd. Tachtig jaar later is hij als seizoenkaarthouder op Vak D nog steeds een trouwe bezoeker van het stadion. In het nieuwe Feyenoord Magazine – dat later deze week verschijnt – vertelt hij zijn verhaal, dat je in verband met de tachtigste verjaardag van De Kuip (vandaag) nu al exclusief online kunt lezen.

.
Kraan

‘Daar liep ik dan, aan de hand van mijn vader, op 27 maart 1937. De Rotterdamsche Droogdok Maatschappij (RDM, red.), waar mijn vader werkte, had kranen geleverd waarmee De Kuip gebouwd kon worden. Daarom waren de werknemers uitgenodigd om de officiële openingswedstrijd bij te wonen. Toen ik het stadion binnenkwam, dacht ik meteen: dit is prachtig. Ik had nog nooit zoiets groots gezien. Ik weet nog dat de Belgische club Germinal Beerschot een heel goede technische speler had, maar Feyenoord was die dag veel beter. Het werd 5-2 en Leen Vente maakte het eerste doelpunt in De Kuip. Ik was verkocht. Mede dankzij de RDM is mijn Feyenoord-liefde ontstaan. Het mooie is dat ik er later zelf ook jarenlang heb gewerkt.’

.

Tranen

‘Vroeger stond ik op vak S, achter het doel. Speelde Feyenoord in de tweede helft de andere kant op, dan liep je om. Je duwde die steward een kwartje in zijn hand en dan stond je op vak G. Hartstikke klem, want bijna iedereen verhuisde. Die steward moet daar een partij rijk van zijn geworden… Waarom we verplaatsten? Je wilde die fantastische aanvallers van dichtbij zien, vooral Coen Moulijn. Ik heb van dichtbij gezien dat hij Frits Flinkevleugel, een fel mannetje van DWS, passeerde, hem bij de achterlijn opwachtte en hem vervolgens nóg een keer passeerde. Op dezelfde manier! Ik zeg het je: de tranen rolden over mijn wangen. Van het lachen, maar ook van bewondering. Ik heb nooit meer zo’n goede voetballer in het Feyenoord-shirt gezien. Die passeerbeweging, die voorzet… Zonder Moulijn zou Cor van der Gijp nooit zoveel doelpunten hebben gemaakt.’

.

Braadworst

‘Inmiddels heb ik al bijna 25 jaar een seizoenkaart. Ik zat op vak D, een vak met allemaal ouwe knarren zoals ik. Op wedstrijddagen rij ik altijd met mijn kleinzoon Pjotr mee. Hij staat op vak X en zet mij altijd af bij de luchtbrug over het spoor. Hij gaat dan een biertje drinken met zijn vrienden en ik loop naar mijn vaste patatkar op het voorplein. Als de vrouw achter de toonbank me aan ziet komen, maakt ze direct een braadworst voor me klaar. Hoeveel mensen er ook in de rij staan, ik ben altijd als eerste aan de beurt en ik hoef nooit te betalen. Mooi toch? Daarna ga ik op tijd naar binnen. Ik kijk op een van de schermen een wedstrijd die al bezig is, koop nog een kroketje en ga dan mijn vak op.’

.

Onkruid

‘Veel vet op mijn botten heb ik niet meer, dus in de wintermaanden zet Pjotr mijn kaart op viagogo, zodat andere supporters mijn kaart kunnen gebruiken. Ik kijk de wedstrijd dan op tv. Daar zie je het eigenlijk beter, maar ja, die sfeer in De Kuip hè… Die mis ik dan. Het moment dat de klep van de spelerstunnel opengaat en we met elkaar ‘Hand in hand’ zingen… Dan trek ik helemaal wit weg, zó mooi vind ik dat. Als ik na een periode van afwezigheid weer het vak op kom lopen, zie je mensen altijd opgelucht ademhalen. “We dachten dat je de pijp aan maarten had gegeven,” zeggen ze dan. “Maak je maar niet druk”, antwoord ik altijd, “pas als het onkruid niet meer opkomt, ben ik er niet meer.” Echt, ik hoop nog lang naar Feyenoord te kunnen gaan. Als ik naast de eerste ook de allerlaatste wedstrijd in De Kuip zou mogen meemaken, zou dat echt heel mooi en bijzonder zijn.’

.

Bron: Feyenoord.nl

Aanbevolen voor jou