Nieuws

Column Ruud van Os: Stadionperikelen

on

Daar zat ie dan. Jarenlang had hij er naar toegewerkt. Ok, het was geen Pauw en Witteman en ook geen De Wereld Draait Door. Maar Knevel en Van den Brink is toch ook een mooi podium. Nog nooit had hij 842.000 kijkers tegelijk toegesproken. Dus zat Ronald Schneider te glimmen als een aap met zeven lullen.

‘Zeg het maar, komt die nieuwe Kuip er?’ sprak Thijs van den Brink, nadat hij de fractievoorzitter van Leefbaar Rotterdam eerder had aangekondigd als ‘een belangrijk man’. Het kon allemaal niet op voor Schneider, z’n onderlip ging er van trillen. Het antwoord kwam na een nerveuze glimlach: ‘Als het aan ons ligt niet, wij gaan unaniem tegenstemmen…’

Het moet oorverdovend stil zijn geweest in huize Gudde en huize Van Merwijk op dat moment. En ook bij wethouder Laan en burgemeester Aboutaleb kon je waarschijnlijk een speld horen vallen. Niet dat zij werden verrast door de mededeling van Schneider, want het Leefbaar-standpunt had hen natuurlijk al eerder bereikt. Gudde, Van Merwijk, Laan en Aboutaleb zaten waarschijnlijk bij te komen van de tik die was uitgedeeld door de nazaten van Pim Fortuyn. Een groot contrast met de ongetwijfeld uitzinnige blijdschap bij 26 procent van de seizoenkaarthouders van Feyenoord (want eerder op de dag bleek uit een TNS NIPO-enquête dat 74 procent van de vaste klanten van de Rotterdamse club voor het verlaten van de Kuip is). Vuurwerk werd afgestoken op de parkeerplaats van het stadion. Ja ja, er waren zelfs enkele fans naar de Kuip gekomen om de zege te vieren.

Ronald Schneider reed inmiddels in de donkere nacht tevreden vanuit Amsterdam naar huis. ‘Morgen gaan we over het stadion stemmen in de gemeenteraad. En na afloop van die vergadering laat ik me uitgebreid knuffelen door de tegenstanders van het nieuwe stadion; moet hij gedacht hebben. Het zou een mooie dag worden.

Om 8 uur in de ochtend plaatst Ronald Schneider een tandenborstel op zijn voorste boventanden. Hij is klaarwakker en heeft er zin an. Op dat moment gaat de telefoon.

‘Het stadionplan wordt ingetrokken door het college. We gaan niet stemmen; klinkt het aan de andere kant van de lijn. In één keer is Schneider zijn goede humeur kwijt. ‘Wat is dit nou?’ ziet hij zichzelf in de spiegel denken. ‘Geen stemming??’ In een splitsecond overziet hij de consequenties van dat gegeven. Geen stemming wil zeggen dat het college het plan bij wijze van spreken over een maand weer in kan dienen. Omdat het niet is weggestemd.

Van opgewekt en vrolijk naar boos en chagrijnig. Het kan zomaar gebeuren tijdens het tandenpoetsen. Aangekomen op het stadhuis probeert Schneider te redden wat er te redden valt. Maar hij is te laat. Raadsleden zijn woedend. Hijzelf begint figuurlijk om zich heen te slaan: ‘Het is belachelijk’ en ‘Gudde en Van Merwijk moeten opstappen, want zij lijden aan tunnelvisie’. Het is schreeuwen om het schreeuwen. De onmacht staat in zijn ogen.

De leiding van Feyenoord en het college van B&W hebben natuurlijk een flink pak op de broek gehad van het grootste deel van de gemeenteraadsleden. Het stadionplan is gewoon niet goed en compleet genoeg. De wedstrijd is echter nog niet verloren. Ze zijn op 1-0 achterstand gezet en hebben nog voldoende speeltijd om die achterstand om te buigen in een voorsprong. Schneider weet dat als geen ander.

Schuldbewust dwaalt de Leefbaar-voorman door de gangen van het stadhuis. Als hij gisteravond niet bij Knevel en Van den Brink was gaan zitten, als hij z’n kruit nog even droog had gehouden, dan had de gemeenteraad op deze donderdag de 11e juli wel gestemd over het stadionplan. Dan hadden Gudde, Van Merwijk, Laan en Aboutaleb een smadelijke nederlaag geleden. Dan was hun plan in één klap van tafel geveegd. Nu krijgt dit kwartet een tweede kans. Zij zullen schaven aan het stadionplan, net zo lang tot D66 net als coalitiegenoten CDA, VVD en een groot deel van de PvdA wel akkoord gaat. En dan dienen ze het opnieuw in. Nog voor het eind van 2013 zal dit gebeuren. En dan komt dat nieuwe stadion er alsnog, met dank aan de ijdelheid van Ronald Schneider.

Bron: rijnmond.nl